Vrienden van de Wijenburg
   
  Home > Boeiende verhalen > Falsificaties of Spielerei  
  Falsificaties of  Spielerei  
 

Raadsels rond het 2e album amicorum (1563-1574) van Otto van Wijhe.

In 1540 werd in Echteld Otto van Wijhe geboren. Hij was de oudste zoon van Jasper van Wijhe de 8e heer van Echteld en zijn vrouw Walburg van Haeften. Otto volgde in 1568 zijn vader op als de 9e heer van Echteld.


                                                          Otto van Wijhe de  9e heer van Echteld in het jaar 1574

Voor Otto de 9e heer van Echteld werd, studeerde hij van 1561 tot 1565 rechten in Orleans en Douai. Otto van Wijhe heeft blijk gegeven van een grote geletterdheid. Van hem zijn 2 alba amicorum (vriendenboeken) bewaard gebleven uit  zijn studententijd.

Tijdens zijn studie in Douai leverde hij in 1563 een fraaie bijdrage aan het vriendenboek van Janus Dousa. Deze laatste werd later een van de oprichters van de Leidse Universiteit. Ook leidde Janus Dousa in 1574 de verdediging van Leiden tegen de Spanjaarden.

De traditie om in de studententijd een album amicorum te hebben ontstond in de periode 1562 -1565. De jonge Nederlandse edellieden die in deze jaren de universiteiten van Douai, Parijs en Orleans bezochten, waren de grondleggers van het gebruik van een vriendenboek. Zo'n vijftien alba amicorum uit deze tijd zijn bewaard gebleven. Het oudste bewaard gebleven exemplaar is van de hand van Otto van Wijhe. In oktober 1561 had hij zich laten inschrijven aan de universiteit van Orléans. Enkele maanden later begon hij met zijn album. Op 27 januari 1562 schreef hij hierin zijn devies: NIL SINE DEO (niets zonder God).

In de jaren daarna studeerde Otto rechten. Deze periode werd ook gebruikt voor toeristische uitstapjes naar andere universiteitssteden. Een uitstekende gelegenheid om inscripties te verzamelen van medestudenten. In zijn studententijd die werd afgesloten met een bezoek aan Parijs en Douai, verzamelde Otto in totaal 35 inscripties. Na thuiskomst van Otto op de Wijenburg bleef dit vriendenboekje in gebruik. Tot aan zijn dood in 1619 kwamen er nog zo'n 38 bijdragen bij. Vooral familieleden schreven hun ontroering in Otto's vriendenboekje.

Na zijn dood bleef het album in de familiekring in gebruik. Genealogische bijzonderheden werden in het vriendenboekje vastgelegd. Dit laat zien dat het een familiebezit is gebleven totdat het werd opgenomen in het archief Van Wassenaer van Rosande. Later belandde dit vriendenboek van Otto van Wijhe in het Nationaal Archief. Tot zover deze korte verhandeling over het (eerste) album amicorum van Otto van Wijhe.


Hiermee is het is het verhaal over Otto's vriendenboek nog niet ten einde. Opwinding was er tijdens een beurs in de Rai te Amsterdam in 1999. Particuliere verzamelaars ontdekten hier een heel oud album amicorum. Ze konden hun ogen niet geloven en realiseerden zich dat snel handelen was geboden. Ze besloten ter plekke tot onmiddellijke aankoop.

Hun verwondering en verbazing bleken geheel terecht. Het vriendenboekje werd enkele weken later bestudeerd door specialisten van de Koninklijke Bibliotheek. Zij stelden vast dat het wapen op de binnenzijde van het voorblad onmiskenbaar toebehoorde aan de familie Van Wijhe van Echteld. De verrassing was compleet. Opvallend was wel dat het onderschrift van het wapen was afgescheurd.
             

Het "afgescheurde" wapen van Otto van Wijhe op de binnenzijde van zijn 2e album amicorum

De oorspronkelijke eigenaar van dit zojuist ontdekte album bleek Otto van Wijhe, de 9e heer van Echteld. Dit boekje was dus zijn 2e album amicorum. Vrijwel alle inscripties zijn in 1563 geplaatst. Hoe is dit uit te leggen?

Otto had zijn 1e album waarschijnlijk in Orléans laten liggen. Dat was een gemis voor hem en hij besloot in arren moede maar een 2e boekje in gebruik te nemen. Het eerste album amicorum heeft hij waarschijnlijk later in Orléans weer opgehaald en na zijn studie meegenomen naar de Wijenburg.

In de periode maart  tot eind september 1563 verzamelde Otto in dit 2e album 15 inscripties.


 Een bijdrage van Adrianus van Mathenesse uit 1563 in het 2e album amicorum van Otto van Wijhe

Door een 2e album in gebruik te nemen kon Otto ook zijn tijd in Douai met enthousiaste bijdragen van medestudenten documenteren.

Eind goed, al goed. Toch niet, dit verhaal is nog niet ten einde. Zoals eerder vastgesteld, ging Otto in 1565 weer naar huis. In dit tweede album volgt dan nog een bijdrage voor Otto in 1567. De plaats van handeling wordt niet genoemd. Maar na deze inscriptie is er iets heel merkwaardigs aan de hand. Er volgen nu 12 bijdragen, niet bestemd voor Otto, maar voor ene Johan van Wijhe.


Een bijdrage uit 1574 van Johannes a Hulsberch voor Johan van Wijhe in het 2e album amicorum van Otto van Wijhe

Deze Johan van Wijhe is op de een of andere manier in het bezit gekomen van Otto's 2e album amicorum. Johan van Wijhe heeft het 2e vriendenboekje van Otto niet alleen gebruikt voor bijdragen van medestudenten. Hij heeft ook "falsificaties" aangebracht. Wilde hij de naam van Otto zoveel mogelijk uit het boekje bannen? Johan van Wijhe probeerde in de meeste inscripties voor Otto, de naam Otto te veranderen in Johan.

In het 2e vriendenboekje is heel duidelijk te zien dat er geknoeid is. Het veranderen van de naam Othoni in Johanni viel niet mee! De "fraudeur" kwam niet verder dan een vlekkerige correctie van Othoni in Johani (met één n) terwijl in de bijdragen voor Johan zelf steeds duidelijk Johanni staat (met twee nn).

Ook anderen moeten in die tijd gezien hebben dat er met het boekje geknoeid is of is het geknoei van latere datum? Op het eerste blad, waarop fier het Van Wijhe-wapen prijkt, is de onderkant zoals eerder vermeld afgescheurd. Kon Johan van Wijhe het niet verdragen dat hier de naam van Otto stond? Is hier sprake van afgunst en ruzie binnen de Van Wijhe-familie of was het gewoon een Spielerei van twee jongelui?

Kortom we blijven met veel vragen achter. In ieder geval is het boekje buiten de familiearchieven terecht gekomen. Zodoende kon het op een zaterdagmorgen weer opduiken in de Rai te Amsterdam.

Een boeiend verhaal. Ook de medewerkers van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag vragen zich daarnaast af: wie was deze Johan van Wijhe? In de omgeving van Otto zijn broer Johan en een neef Johan te traceren. Ook zij leverden bijdragen aan verschillende vriendenboeken van medestudenten.

                   Een voorbeeld van de falsificaties van Johan van Wijhe: hij veranderde Otto in Johan

De persoon die Otto's 2e vriendenboekje gebruikte moet echter een andere Johan zijn. Onderzoek heeft laten zien dat deze Johan een wapen voerde met een halve klimmende leeuw. Dit houdt in dat het hier mogelijk een Van Wijhe uit Hernen betreft. Otto had zijn contacten met de Van Wijhe's uit Hernen en trouwde later Christina uit dat huis.

Er blijven echter twee problemen over. In het door Johan aangebrachte wapen ontbreken de kroontjes van goud bij de leeuw en het helmteken. Dit wijkt af van de Van Wijhe-wapens in Echteld en Hernen. Verder is tot dusver geen enkele Johan van Wijhe in Hernen terug te vinden rond 1565.

Het 2e vriendenboekje van Otto plaatst onderzoekers voor een raadsel. Het afgelopen jaar  is er veel gezocht. Gaat het om een bastaard uit Hernen of een bastaard uit Echteld? Ook een Van Wijhe uit de omgeving van Arnhem is mogelijk, zij voerden ook de halve leeuw in hun wapen.

Hoe kunnen de raadsels rond het 2e album amicorum van Otto van Wijhe worden opgelost?

Van de verzamelaars die het 2e album amicorum van Otto van Wijhe aankochten, mochten wij voor onze website foto's maken van de bijdragen in dit vriendenboekje. Enkele van deze foto's zijn in dit artikel te zien.

Samen met medewerkers van de Koninklijke Bibliotheek zijn we o.m. met behulp van de foto´s bezig met verder onderzoek.

Zie ook: "Rijnlandse alba amicorum"


 
     
  lijn