Vrienden van de Wijenburg
   
  Home > Bewoners > Familie Van Wijhe (1271|1751) > 8e heer Jasper (1520|1568)  
  8e heer Jasper (1520|1568)  
 

Jasper van Wijhe trouwt in mei 1535 Walburg van Haeften (haar moeder was Johanna van Broeckhuijsen) vrouwe van de Megenberg en de Pol (in Dreumel). Bij dit huwelijk werden 15 huwelijksvoorwaarden vastgelegd. Over de erfenis van Jasper en Walburg zijn niet minder dan vier uitspraken geweest namelijk in october 1576, januari 1577, october 1580 en april 1583.

Vrienden van de wijenburg
Jasper van Wijhe en zijn vrouw Walburg hadden 9 kinderen: Otto, Walraven, Johan, Willem, Johanna, Geertruid, Stees, Gijsbert en Walburg.

Otto
wordt later de 9e heer van Echteld. Hij studeerde van 1561 tot 1565 rechten in Orleans en Douai. Uit die tijd zijn van hem 2 alba amicorum (vriendenboeken) bewaard gebleven. In deze alba verzamelde hij in die tijd 35 inscripties van medestudenten. Ook is zijn dagboek uit 1574, geschreven in een Deventer Almanak, bewaard gebleven.

Walraven
page bij Casimir van Nassau, is dood in 1568. Hij was pas 25 jaar toen hij overleed.

Johan
studeerde net als zijn broer Otto in Douai. We vinden hem terug in de alba amicorum van Otto in 1565. Johan van Wijhe trouwt in 1583 Sibilla (of Belia) van Pallandt van Keppel. Zij overlijdt vermoedelijk rond 1595. Johan overlijdt in 1618. In 1596 eiste “Johan van Wye tot Dreumel“ voor het Appellationsgericht van het Graafschap Zutphen betaling van de achterstallige bruidsschatpenningen door de familie Van Heeckeren van Ruurlo. Deze bruidsschat was overeengekomen bij het eerste huwelijk van Sibilla van Pallandt (van 1563-1580) met Jacob van Heeckeren. Eerder was er over deze zaak al geprocedeerd in het richterambt Doesburg. Daarbij was Johan van Wijhe in het gelijk gesteld maar de Van Heeckerens gingen in beroep bij het nieuwe Appellationsgericht in Zutphen. Johan's neef Reinold van Wijhe de 10e heer van Echteld (zoon van Otto) vecht na Johans dood (in 1618) nog 10 jaar via rechtszaken met de familie Van Pallandt van Keppel en/of de familie Van Heeckeren van Ruurlo over de erfenis van Sibilla!

Willem
is in 1577 kanunnik te Xanten. Nog tijdens zijn leven trad hij terug uit deze functie ten gunste van de “voorzoon” (Henric van Rijswijck) van zijn echtgenote Ermgard von Oberstein uit haar eerdere huwelijk met Heinrich von Ryswick (hij was voor zijn huwelijk tot 1566 kannunik in Xanten). Bij de gerechtelijke uitspraak van october 1576 krijgt Willem van Wijhe de Hoofacker in Echteld toegewezen. Willem werd in 1590 in Echteld vermoord door Gerrit Thonisz van Tellicht.
Dit is een ingrijpende gebeurtenis tussen de familie van Wijhe en familie van Tellicht in Echteld, die zo dicht bij elkaar woonden. Het is opvallend dat het hier ging om een confrontatie tussen de religieus opererende personen uit genoemde families. Willem de (oud)kanunnik van Xanten werd vermoord door Gerrit die verbonden was aan het Cruysbroederklooster in Culemborg.


Willem liet zijn vrouw en kinderen in vrij armlastige omstandigheden achter. De open brief die na deze moord werd opgesteld door de familie Van Wijhe werd ondertekend door Ermgard als Willems weduwe, Otto, Johan en Stees van Wijhe als Willems broers en Willems oom Walraven van Brederode als man van Willemina van Haeften, (half-) zuster van Walburg van Haeften (de overleden moeder van Willem). Willem van Wijhe en Ermgard hadden drie kinderen, twee dochters (Ermgard en Walburg) en een zoon. Hun dochter Walburg trouwde met Constantin von Judden die later (van 1632-1650) burgemeester van Keulen was. De zoon van Willem en Ermgard was Caspar van Wijhe, getrouwd met Agatha von Loevenich. Hun nageslacht is de Duitse Van Wijhe tak. Deze tak had zijn thuisbasis eerst in Jungersdorf (bij Aken) en later in de omgeving van Keulen/Leverkusen. Rond 1660 trouwt Constantinus van Wijhe met Geertruid von Catterbach zu Diepental. De familie Catterbach in Diepental was berucht vanwege zijn strijdlust. In 1702 trouwt  Johan Caspar van Wijhe (zoon van Constantinus) met Maria Catharina von Diepental zu Stammheim und Reuschenberg. Door dit huwelijk kwam het kasteel Stammheim (bij Keulen/Leverkusen) in bezit van de familie Van Wijhe (tot ca 1755). Ook kregen ze Schloss Reuschenberg (ook bij Keulen/Leverkusen) in hun bezit (van 1730-1767). 

                                                           
                                                                        Kasteel Reuschenberg

Hun zoon Johan Franciscus Caspar van Wijhe noemde zich heer van Reuschenberg (en heer van Echteld). Rond 1770 had deze zoon ook Burg Rheindorf in zijn bezit. Burg Rheindorf was na 1600 in bezit van de familie Catterbach von Diepental en ging daarna door een huwelijk over naar de familie Von Judden. Zij verkochten Rheindorf in 1721 aan de familie Cortenbach.

Over de afstamming van deze Duitse Van Wijhe's is veel te doen geweest. Vooral in de jaren 1674-1675 heeft de Duitse tak geprobeerd aan te tonen dat ze afstamden van Juggen (Joachim) van Wijhe die getrouwd was met Irmgard van Haeften zu Bracht. Constantinus van Wijhe zu Jüngersdorf (getrouwd met Geertruid von Catterbach, zie boven) krijgt het voor elkaar dat in 1674 in Tiel een verklaring opgesteld wordt waarin deze afstamming voor waar wordt aangenomen. Het document is ondertekend door S. Schull, secretaris van de stad Tiel, Joost Vijgh, commandant van de Ridderlijke Duitse Orde in Dieren en Evert de Cock van Opijnen (90 jaar oud). Hoogst waarschijnlijk waren de Van Wijhe's van Echteld het in die tijd al niet eens met deze “Duitse” Van Wijhe-stamboom. Als deze stamboom klopte zou Juggen of Joachim een zoon geweest moeten zijn van Otto van Wijhe de 9e heer van Echteld. De Duitse tak had (ook in 1674 nog) de Hoofakker in Echteld in bezit en die hadden ze waarschijnlijk verkregen via hun afstamming van Willem van Wijhe. Later (voor 1749) hebben ze de Hoofakker verkocht aan Reinoud Christiaan van Wijhe de 12e heer van Echteld.

Na het uitsterven van de mannelijke Van Wijhe's van Echteld in 1752 heeft de Duitse tak (met name Johan Franciscus Caspar van Wijhe, heer van Reuschenberg) verwoede pogingen ondernomen om hun visie op de afstamming bekrachtigd te krijgen. Waarschijnlijk hoopten ze op die manier het "Van Wijhe van Echteld bezit" in handen te krijgen. Uiteindelijk is de zaak voorgelegd aan het Hof van Gelre en die heeft in 1759 besloten dat er niet voldoende bewijs was voor de afstamming die de Duitse tak presenteerde. Sindsdien staan de leden van de Duitse van Wijhe-tak bekend als de afstammelingen van Willem van Wijhe die de  Rooms-Katholieke Kerk trouw bleven.

Bij Boeiende verhalen staat een uitgebreid verhaal over de Duitse Van Wijhe's : http://www.vriendenvandewijenburg.nl/Boeiende-verhalen/De-Duitse-Van-Wijhe-tak/


Johanna
kanonnesse.

Geertruid

trouwt in 1585 met Cornelis van Wijenhorst heer tot  Geisberg. Geertruid overlijdt in 1591. Geertruid schrijft in 1581 een bijdrage in het album amicorum van Walraven van Haeften, heer van Haaften, Hellouw en Herwijnen.

Stees (Eustatius of Statius)
trouwt in 1578 Judith van Averenck, dochter van Borchard Averenck en Berta Costers. Haar grootvader Dirk was schepen van Deventer. Haar tante Hendrina Averenck was getrouwd met Johan Bentinck tot Leeuwenberg te Wilp. Stees en Judith wonen rond 1580 in Deventer en laten in dat jaar op 17 januari hun zoon Jasper in de Mariakerk dopen (katholiek). De Mariakerk was op dat moment net drie maanden geleden in gebruik genomen door de protestanten onder leiding van Ds. Vezekius. Volgens de doopakte in het katholieke doopregister waren vermoedelijk peter en meter van Jasper van Wijhe: Borchard Averenk (vader van Judith Averenk) en de “Vrouwe van d(t)er Horst” (mogelijk was deze “vrouwe van ter Horst” Aleyd Boshof vrouwe van ter Horst bij Loenen, weduwe van Wijnand Hackfort. Otto en Johan van Wijhe, de broers van Stees, waren in ieder geval zeer bekend met de Hackforts uit Loenen gelet op de bijdragen over en weer aan elkaars alba amicorum vooral in Douai rond 1565). Boeiend is dat de Van Wijhe's in Echteld vele jaren later toen ze voor het eerst een dominee in Echteld mochten aanstellen kozen voor een nazaat van de bovengenoemde dominee Vezekius.

Verder hebben Stees van Wijhe en Judith Averenck als kinderen: Johan (verliest ca. 1610 zijn bezit in Overasselt) en Walburg. Zij (Walburg) trouwde in 1601 Wilhelm Pieck en kocht in 1612 in Deventer onroerend goed. Walburg onderhield goede relaties met haar nicht Walburg van Wijhe van de Duitse tak en met haar neven Reinier en Joachim, zonen van haar oom Otto. Kennelijk was Walburg Steesdochter van Wijhe nogal bemiddeld. Zij schenkt aan diverse (vermoedelijk bevriende minder bedeelde) familieleden jaarrenten waaronder Walburg Willemsdochter haar “Duitse” nicht. Stees van Wijhe woont in 1593 nog in Deventer in de Kleine Overstraat en is dan weduwnaar.

Gijsbert
overlijdt ongehuwd in 1575.

Walburg
trouwt Gijsbert van Hardenbroek (geboren ca 1537 en eerder getrouwd met Wilhelmina van Heumen). Hij overlijdt in 1576. Walburg van Wijhe overlijdt in 1612.

---o---

Tijdens de periode van Jasper van Wijhe en Walburg van Haeften gebeurde er veel in de Nederlanden. Er werd steeds meer kritiek uitgeoefend op de Katholieke Kerk. In 1517 bindt Luther de kat de bel aan door met zijn stellingen op de deur van de kerk in Wittenberg de Katholieke Kerk aan te vallen.

In de periode van 1517 tot 1568 kreeg het protestantse geloof in Nederland steeds meer aanhangers. Filips de Tweede probeerde met grof geweld deze ontwikkeling te keren. In 1523 werden in Brussel de eerste Nederlandse ketters op de brandstapel gezet. Deze periode wordt bloemrijk beschreven in het eerder vermelde boek “Anna van Gelre”.

In 1566 probeerde een grote groep van edelen, onder aanvoering van onder andere Willem van Nassau, Prins van Oranje, Filips te bewegen tot meer tolerantie voor de protestanten. Hij weigerde en het gevolg was een opstand en het begin van een zeer lange periode van oorlog tegen de Spanjaarden. Ook raasde in 1566 de beeldenstorm door de kerken in de Nederlanden. Beelden gingen van hun voetstuk, altaren werden aan gruzelementen geslagen en schilderijen werden vernield.

Jasper probeert het huis te Echteld weer zelfstandig te krijgen (na de dood van de oude hertog Karel in 1538). De nieuwe hertog Willem staat dat niet toe. Jasper vergroot en vertimmert in 1545 kasteel de Wijenburg dat tijdens het bewind van zijn vader Otto zo had geleden.

Opvallend is dat rond dezelfde tijd (1550) Hernen door Reinier van Wijhe en Margriet van Egeren ook nogal uitgebreid wordt. De Van Wijhe's van Hernen en Echteld onderhielden waarschijnlijk weer een goede relatie. Later (in 1575) trouwde Jaspers zoon Otto met Christina van Wijhe uit Hernen.

 
     
  lijn